‘Samen bouwen aan vertrouwen’
Warmenhuizen
Gepubliceerd op 14 september 2026
In de bouw verschuift de rol van de aannemer steeds vaker van uitvoerder naar partner. Zeker bij complexe binnenstedelijke projecten of werkzaamheden die moeten plaatsvinden terwijl een organisatie gewoon blijft doordraaien, is een traditionele opdrachtgever-opdrachtnemerrelatie niet langer voldoende. Succes ontstaat door samen te ontwerpen, risico’s vroegtijdig te bespreken en gezamenlijk keuzes te maken. Bij K_Dekker vormt die manier van werken de basis van vrijwel ieder bouwteam. “Maar we zijn natuurlijk wel een bouwbedrijf en geen bouwteambedrijf”, zeggen bouwteammanagers Bas Pronk en Robert Boender. “Een bouwteam is voor ons geen doel op zich, maar een middel om samen met opdrachtgevers, gebruikers en partners tot een beter eindresultaat te komen.”












Dat bouwen gebeurt steeds vaker in een omgeving waarin opdrachtgevers, gebruikers, bewoners, ingenieursbureaus en aannemers intensief met elkaar moeten samenwerken. Zeker bij complexe binnenstedelijke projecten of werken die doorgaan terwijl de dagelijkse bedrijfsvoering in stand moet blijven, groeit de behoefte aan een bouwteam. Niet omdat het makkelijker is, maar juist omdat de opgave ingewikkelder wordt. Boender ziet die ontwikkeling al jaren. “Je zou sommige projecten eigenlijk helemaal niet meer traditioneel op de markt moeten gooien met halve informatie”, zegt hij. “Dan duw je alle risico’s uiteindelijk toch richting aannemer. In een bouwteam kun je samen het ontwerp en de uitvoering veel beter uitwerken.”
Dichtbij
Juist dat gezamenlijke proces ziet K_Dekker als de grote kracht van bouwteams. Pronk: “Je zit veel dichter op je klant. Je bespreekt veel beter wat iemand precies wil, of het ontwerp klopt met de eisen en of de planning haalbaar is. Daardoor weet je op het moment van aanbieden eigenlijk al zeker dat het voorstel één op één aansluit op wat de opdrachtgever wil.” Dat voorkomt verrassingen tijdens de uitvoering. Volgens Boender ontstaat er bovendien veel meer transparantie. “Bij bouwteams worden offertes gedeeld, winstmarges besproken en risico’s inzichtelijk gemaakt. Je haalt de extremen eruit. Geen bizarre winsten, maar ook geen verliesgevende projecten. Het wordt voorspelbaarder voor iedereen.” Toch is het volgens beide mannen een misverstand dat een bouwteam automatisch betekent dat alle risico’s bij de aannemer liggen. Juist daar ontstaan soms spanningen. Pronk haalt een project aan waarbij tijdens het graven een ontwerpfout aan het licht kwam. “Dan krijg je te horen: ‘Ja, maar jullie zaten toch in een bouwteam?’ Alsof daarmee ineens alle verantwoordelijkheid verschuift. Natuurlijk proberen wij fouten vroegtijdig te signaleren. Maar als een architect of adviseur een fout maakt die niemand eerder heeft gezien, dan blijft dat wel degelijk hun verantwoordelijkheid.”
Schuren
Volgens Pronk hoort die duidelijkheid juist óók bij samenwerken. “Soms mag het best even schuren. Liever nu een lastig gesprek, dan straks ruzie tijdens de uitvoering.” Die openheid past volgens hem bij de cultuur van K_Dekker. Grote opdrachtgevers als ProRail, Waternet en GVB waarderen dat juist, merken de twee. Zeker omdat veiligheid en kwaliteit binnen het bedrijf zwaar wegen. “We zijn soms best een eigenwijze aannemer”, zegt Pronk lachend. “Maar we willen het wel goed doen. Niet met de goedkoopste partij die toevallig beschikbaar is.” Dat betekent ook dat K_Dekker kritisch kijkt naar aanbestedingen waarin prijs nog steeds te dominant is. Boender: “Als zeventig procent van de beoordeling op prijs zit, dan investeren wij daar niet zomaar meer tienduizenden euro’s in.” Volgens hem zie je gelukkig steeds vaker dat opdrachtgevers kiezen voor andere contractvormen, zoals tweefasecontracten of bouwteams, waarin kwaliteit, samenwerking en uitvoerbaarheid zwaarder meewegen.
Complexiteit
De projecten waar K_Dekker momenteel aan werkt laten zien waarom die aanpak steeds belangrijker wordt. Zo werkt Boender met Waternet aan een bijzonder project onder het Amsterdamse Rokin, waar een oude bergbezinkkelder opnieuw in gebruik wordt genomen. De bouwplaats is nauwelijks groter dan tien bij tien meter en bevindt zich onder een fietsstalling, vlak naast metro-infrastructuur. “Dan ben je ineens met beheerders, verkeersstromen, rioleringen en waterafvoer bezig. Je ontdekt continu nieuwe dingen. Dat maakt het uitdagend.” Pronk noemt juist de langdurige samenwerking met opdrachtgevers een van de mooiste kanten van bouwteams. “Je leert echt het bedrijf achter het project kennen. Hoe processen lopen, wat belangrijk is voor de klant en waarom bepaalde keuzes worden gemaakt. Dat gaat veel verder dan alleen bouwen.” Dat zie je bijvoorbeeld ook terug bij projecten voor GVB, waar K_Dekker meedenkt over het vervangen van een overkapping boven een metrostation terwijl de metro’s blijven rijden. Of bij de Eurostar-terminal onder Amsterdam Centraal, waar na een lang traject onlangs ook de opdracht voor de nieuwe lounge definitief werd verstrekt. Projecten waarin techniek, logistiek, veiligheid en gebruikerservaring continu samenkomen.
Volhouden
Tegelijkertijd erkennen beide mannen dat bouwteams veel tijd en energie vragen. Soms zelfs jarenlang, zonder garantie dat een project uiteindelijk wordt uitgevoerd. Pronk vertelt over een driejarig bouwteamtraject voor een dakrenovatie bij NRG PALLAS in Petten. Er werd intensief ontworpen, gerekend en onderzocht hoe de werkzaamheden konden plaatsvinden terwijl de medische processen in het gebouw doorgingen. Uiteindelijk besloot de opdrachtgever het plan toch niet uit te voeren. “Dan ben je drie jaar bezig geweest met planmakerij”, zegt Pronk. “En uiteindelijk wil je natuurlijk gewoon bouwen.” Toch overheerst geen cynisme. Integendeel. Zowel Pronk als Boender geloven dat de bouwsector juist meer behoefte krijgt aan dit soort samenwerkingen. Vooral bij complexe projecten waar techniek, omgeving en bedrijfsvoering steeds sterker met elkaar verweven raken. Het vraagt wel iets van alle partijen: duidelijke keuzes, wederzijds begrip en het besef dat samenwerken niet betekent dat verantwoordelijkheden verdwijnen. Of zoals Pronk het samenvat: “Een bouwteam werkt alleen als iedereen eerlijk blijft over wat hij wil, wat hij verwacht en waar de risico’s liggen. Dan kun je samen echt betere projecten maken.”